Milieuzaken:
feiten, getallen en opinies  


The Siesta by Philip Hermogenes Calderon 1833–1898
The Siesta van Philip Hermogenes Calderon,1866
klik op de foto voor een vergroting

Hete zomers

U bent hier: inhoudsopgave - hete zomers
Afkorting of begrip onbekend ? Raadpleeg ons milieuwoordenboek !
Google
 
Web www.hugovandermolen.nl

Nederland

Nederland heeft steeds vaker blauwe luchten met minder wolken en meer zon. De lucht boven Nederland is schoner. Daardoor wordt Nederland zonniger en hebben we warmer weer. Dat blijkt uit 'De toestand van het klimaat in Nederland 2008', het klimaatrapport van het KNMI over de afgelopen vijf jaar. (link blijkt 9-9-'17 helaas verbroken).

Het PCCC concludeerde in juni 2007 voor Nederland op basis van een recent verschenen VN-klimaatrapport, dat er meer hittegolven zullen voorkomen vanwege toenemnde oostenwind.


Tot 2016 kon men op de site van het KNMI de volgende tabel en grafiek vinden over hittegolven in ons land sinds 1901.

hittegolven in Nederland

De tabel is ook in een grafiek weergegeven:

hittegolven in NL sinds 1901

Komen hittegolven tegenwoordig veel vaker voor?

Terwijl Nederland (in de zomer van 2018) geniet maar ook last heeft van een warme, zonnige en zeer droge zomer doemt de onvermijdelijke vraag op hoe uitzonderlijk de huidige warme periode is in historisch perspectief en in hoeverre dit met klimaatverandering te maken heeft.
Het KNMI stelde in het NOS-journaal van donderdag 26 juli 2018 bij monde van Geert Jan van Oldenborgh dat:

"Een warme zomer zoals we die nu hebben, gaan we in de toekomst nog veel vaker zien. Hittegolven komen nu frequenter voor: van een keer in de twintig jaar een eeuw geleden, tot elke twee tot drie jaar nu".

Maar..........

Dat hittegolven nu vaker voorkomen is pas sinds 2016 ‘waar’. Toen presenteerde het KNMI namelijk een nieuwe gehomogeniseerde reeks voor De Bilt. Die homogenisatie hield in dat metingen vóór 1951 gecorrigeerd werden. Dat bleek met name gevolgen te hebben voor de hoogste temperaturen in De Bilt: waardes boven de 27 graden Celsius zijn met maar liefst 1,9 graden naar beneden bijgesteld. Dit heeft ingrijpende consequenties voor met name het aantal hittegolven in de periode 1906-1951. Dat waren er 23 maar door de correcties bleven daar nog maar 6 van over.

Hoewel niemand bestrijdt dat correcties door stationverplaatsingen en veranderde meetmethoden nodig kunnen zijn, roept deze ingrijpende aanpassing van de metingen in De Bilt wel grote vragen op. De metingen moesten destijds met 0,1 graden Celsius nauwkeurigheid afgelezen worden. Kan het werkelijk zo zijn dat met terugwerkende kracht alle historische waardes boven de 27 graden er bijna twee graden naast zaten?

Zo zijn in 1947 b.v. 3 van de 4 hittegolven verdwenen, zoals aangegeven in onderstaande tabel:

hittegolven in Nederland in 1947   we leven nu in het adjustoceen
klik opd het cartoon voor een vergroting

Bronnen van bovenstaande grafieken en teksten: Rob de Vos en Marcel Crok op www.destaatvanhet-klimaat.nl van 6-8-2018 alsmede klimaatgek.nl van 2-8-2018 en 7-8-2018.

Hittegolven in De Bilt voor en na "homogenisatie"

In bovenstaande figuur (bron hier) is te zien wat het effect van de homogenisatie is op het aantal hittegolven van 1901 tot 1951. Vanaf 1 september 1951 zijn de temperaturen niet gehomogeniseerd.

Onderzoeker Brandsma van het KNMI, die de homogenisatie heeft uitgevoerd, schrijft: “Bekende problemen zoals de neerwaartse sprong in Tx rond 1950 in De Bilt en het relatief hoge aantal hittegolven in de eerste helft van de 20ste eeuw (...) zijn hiermee verleden tijd.” (Bron: Meteorologica, 2016-4, pag. 4).

Kortom: hocus pokus pillatus pas, he KNMI maakt dat het klimaat de eerste helft van de 20e eeuw koeler was. En dat past dan natuurlijk uitstekend in het alarmistische streven om maar te bewijzen dat Nederland de laatste 100 jaar verontrustend opwarmt.

  gochelaar
hocus pocus

De Vos en Crok zamelden geld in via crowdfunding om uit te gaan zoeken hoe dit zit. Zie hier.
7-3-2019 zijn de resultaten van dit 6-maanden durende onderzoek (door 4 personen, waaronder 2 statistici) gepubliceerd op een congres van de Groene Rekenkamer: "Het raadsel van de verdwenen hittegolven. Hoe het KNMI historische hittegolven uit de boeken schrapte."

Enige conclusies:

Door de homogenisatie is het aantal hittegolven tussen 1901 en 1951 teruggebracht van 23 naar 7. Dus ziet het er plots naar uit dat in de periode 1951-2018 veel meer hittegolven zijn geweest dan in de periode 1901-1951. In werkelijkheid, dus met de niet-bijgestelde temperaturen was het andersom.

De gevolgen van de homogenisatie werden nog beter zichtbaar in de warme zomer van het afgelopen jaar. Er werden in 2018 door het KNMI twee hittegolven geteld. Media berichtten dat hittegolven nu frequenter voor komen: van één keer in de twintig jaar een eeuw geleden tot elke twee tot drie jaar nu. De bron daarvan was het KNMI, dat zich baseerde op de gehomogeniseerde cijfers.

Het beste zou zijn om de homogenisatie ongedaan te maken en met een breder opgezet team , waaronder wetenschappers van buiten het KNMI, een nieuwe start te maken. Het KNMI zou zich voorlopig moeten onthouden van claims over een vermeende toegenomen trend in hittegolven in Nederland.

Marcel Crok legt uit hoe het KNMI onze klimaatgeschiedenis herschreef  

Zie hier he video intetview met Marcel Crok door Rico Brouwer op 13-3-2019 in Cafe Weltschmerz

over hoe het KNMI in 2016 de Nederlandse klimaatgeschiedenis herschreef.


 

 

Klik op de foto om het hele rapport te lezen.

Persbericht:

Het KNMI heeft drie jaar geleden ten onrechte een groot deel van de historische hittegolven (in de periode 1901-1951) uit de boeken geschrapt. Dat concludeert een team van vier onafhankelijke onderzoekers vandaag in het rapport Het Raadsel van de Verdwenen Hittegolven. De onderzoekers noemen de extreme temperatuurcorrecties van 1,9°C die het KNMI toepaste op warme tot zeer warme dagen (28 graden Celsius of hoger) “onverdedigbaar”

Lietratuur:
- Crok, Marcel, Dijkstra, Vos, Rob de en....., Het raadsel van de verdwenen hittegolven. Hoe het KNMI historische hittegolven uit de boeken schrapte, .................lees het hele rapport.

- Labohm, Hans, Gesjoemel met teperatuurdata - de verdwenen hittegolven, Climategate.nl d.d. 7-3-2019.

- Friesland, Jan van, Het raadsel van de verdwenen hittegolven, een korte terugblik van Jan van Friesland met één van de onderzoekers, Rob de Vos.Climategate.nl d.d. 8-3-2019.

Discussie:
Als de metingen in de Bilt er voor de heetste dagen zomaar ca. 50 jaar lang 1,9 graden C naast hebben gezeten, dan geeft dat aan dat de foutenmarge in temperatuur-reeksen wel 1,9 graden kan zijn. 1,9 graden is dus "meet-ruis" als het om Biltse hete dagen gaat. Dat men op de klimaat-conferentie in Parijs probeerde de "temperatuurstijging van de aarde" te beperken tot 2 graden Celsius is dus werken binnen de marge van "metingen-ruis", althans bij "hittegolven" in De Bilt. Elders lees ik dat div. personen menen dat de "metingen-ruis" m.b.t. de gemiddelde aarde-atmosfeer-temperatuur zeker ca. 0,5 tot 1 graad Celsius zou zijn. Maar meerdere knappe koppen, waaronder Nobel-prijs winnaar fysica, Giaever, zijn van mening dat het volstrekt onmogelijk is om op een zinvolle manier een gemiddelde aarde-atmosfeer-temperatuur te meten en dat dus alle gehanteerde grafieken op dit gebied zinloos zijn. Zoals Einstein zei: " Not everything that can be counted counts and not everything that counts, can be counted."

NB: onder "metingen-ruis" verstaan wij hier niet alleen normale meet-fouten bij het aflezen van thermometers, maar vooral systematische meetfouten die te maken hebben met het type meetkastjes en de locaties ervan.

Maar het is nog heel veel erger............wegens zgn. "urban heat" effecten had het KNMI de temperaturen na 1950 juist moeten verlagen ipv van wat ze deden, de temperaturen voor 1950 verlagen.

Hugo Matthijssen (Climategate.nl, 28-4-2019), schrijft en concludeert het volgende:

Dat betekent dat er, gezien de huidige ligging, niet alleen in Utrecht sprake is van het urban heat effect maar zeker ook, zij het in mindere mate, in de Bilt. Laten we nu eens kijken naar Utrecht en omgeving tussen 1950 en nu. In 1900 was de Bilt en omgeving een landelijk gebied. Utrecht was weliswaar een stad maar de groei moest nog komen. De temperatuurmetingen van het KNMI werden in 1900 niet beïnvloed door een urban heat effect.

Het KNMI kwam tot de voorzichtige conclusie dat nachts en voor westelijke wind (1/3 van de dagen), advectie van stadswarmte van Utrecht zorgt voor een verhoging van de temperatuur op het KNMI-terrein in De Bilt van ongeveer 0.5°C.

Kijk ik nu naar de kaart, dan blijkt dat het KNMI is als een eiland omgeven is door bebouwing en een grote drukke doorgaande weg. In 2006 was het verschil in temperatuur als gevolg van urban heat tussen centrum Utrecht en het KNMI 0,5 graden waarbij alleen werd rekening gehouden met het urban heat effect van Utrecht.

Als we dan kijken naar de kaarten van 1900 en 1950 dan zal duidelijk zijn dat in die periode de gemeten temperaturen in de Bilt niet zijn beïnvloed door het urban heat effect en nu wel. Dat betekent dat alle huidige temperatuurmetingen naar beneden moeten worden bijgesteld door de groeiende invloed van het urban heat effect.

Ze hebben het tegenovergestelde gedaan door de metingen vanaf 1901 tot 1950 naar beneden bij te stellen. Ga ik dan ook nog kijken naar de groei van de bebouwing en (snel) wegen direct rond De Bilt dan is het naar beneden bijstellen van de metingen met 0,5 graden nog niet genoeg.

Ga je de invloed van het urban heat effect rond de Bilt over de afgelopen 120 jaar bekijken, dan moeten de metingen van het KNMI in de Bilt van de laatste jaren naar beneden worden bijgesteld om aansluiting te krijgen met de meetreeks van 1901 tot 1950 in plaats van andersom

Wil je een vergelijking maken met de periode 1900-1950 zonder correctie voor het toenemende urban heat effect en je berekent de gemeten temperaturen tussen 1900 en 1950 omlaag, met als motivatie de recente verplaatsing van de meethut dan moet je zeker ook het toenemende urban heat rondom de meetplaats meenemen. Als gevolg van het toenemende urban heat effect had de periode 1950 tot nu naar beneden moeten worden aangepast.

Dat betekent ook dat al die records de afgelopen laatste jaren zeker niet juist zijn en de gemeten waarden tussen 1950 en nu ook naar beneden moeten worden bijgesteld.


Overigens valt in bovenstaande grafiek op dat er na 1950 ca. 25 jaar lang, tot ca. 1975, geen hittegolven zijn geweest in ons land.

Dat was de tijd dat velen angst hadden voor "global cooling"


1975: klimatologen worden ongeduldig: "Immediate action is needed !"

Uit Newsweek, 28 april 1975:

 

In 1975 - spoorden klimaatwetenschappers de politici aan om zelf de poolkappen te laten smelten door er roet op te gooien, omdat anders de aarde te veel af zou gaan koelen, met groot gevaar voor de voedselvoorziening !

  The Cooling World anno 1975

Niets nieuws onder die hete zon, dus.



Extra sterfte tijdens hittegolven in Nederland
2003: 1000 à 1500 sterftegevallen meer dan normaal tijdens een zomer
2006: 1000 sterfgevallen meer dan normaal


In steden is het warmer dan op het platte land er om heen:
Dit wordt als een algemeen probleem gezien voor temperatuurtijdreeksen van vaste meetstations. Sommige klimaatsceptici denken dat de hierdoor ontstane meetfouten wellicht de gevonden "opwarming van de aarde" deels of geheel kan verklaren: gewoon domme meetfouten, dus. Sommige klimaatwetenschappers stellen dat dit slechts een miniem probleem is, die de gevonden opwarming van de aarde niet kan verklaren.

Ingenieurs- en adviesbureau DHV stelt dat het in het centrum van Nederlandse steden gemiddeld 7 à 8 graden warmer is dan erbuiten. Althans dat schrijft Volkskrantjournaliste Anna van den Breemer d.d. 10-7-2010. In de kop van het artikel staat echter dat dat "soms" zo is.
Wellicht is het effect wat minder heftig:
In het FD van 2-8-2018 stelt Roebyem Anders dat op warme dagen de temperatuur in onze steden 2 graden hoger komt dan op het platte land en dat dit verschil bij extreme hitte oploopt tot ruim 5 graden.


De zomer van 1540
(het Grote Zonnejaar)
De zomer van 1540, die was pas echt warm. Hoe de situatie in Amsterdam was, is vastgelegd door raadspensionaris Van der Goes, die verslag deed van het bezoek van Keizer Karel V aan de stad dat jaar. De keizer hield het na één snikhete doorwaakte nacht alweer voor gezien hier. In de nadagen van de late middeleeuwen waren er nog geen klimaatdeskundigen. Toch is er aardig wat bekend over de heetste zomer ooit, in 1540. Heel Europa zucht dat jaar maandenlang onder hitte en droogte. Oogst mislukt, drinkwater is nauwelijks te krijgen, ziektes tieren welig. En dan is er ook nog eens een muizenplaag. Een kapelaan uit Limburg houdt een dagboek bij en beschrijft dat boeren op het land tijdens het maaien dood neervallen door de hitte.

Veel Amsterdammers bezwijken aan een zonnesteek, hartaanval of verontreinigd drinkwater. Dit drinkwater komt uit de grachten, sloten en putten. Erg onhygiënisch en onsmakelijk. Van bacteriën heeft men nog nooit gehoord, water koken om het daarmee drinkbaarder te maken doet men niet. De laatmiddeleeuwse Amsterdammer wast zich niet, en zaken als deodorant en parfum zijn onbekend. De grachten zijn een open riool waar ook slachtafval in geloosd wordt. Zelfs de laatmiddeleeuwse neuzen die wel wat gewend zijn, kunnen deze melange van stinkend volk en dito stad moeilijk aan.

Amsterdam ca. 1540Amsterdam rond 1540 (klik op de kaart voor een vergroting)

 

De toenmalige heerser over een groot deel van Europa, Keizer Karel V, brengt in dat jaar een staatsbezoek aan Amsterdam. Hij is met een groot gevolg op rondreis door zijn Habsburgse Nederlanden. Op 13 augustus 1540 arriveert hij in Amsterdam. En hij treft onze stad op haar allerslechtst. Is normaal de stank van de grachten en het ongewassen volk in de straten al niet te harden, in de zomer is dit nog vele malen erger.

Keizer Karel V logeert in het Wapen van Embden aan de Nieuwendijk. Daar ligt hij wakker van zomers nachtelijk Amsterdam: hitte, herrie, stank en muggen. Als de volgende dag blijkt dat er nauwelijks enigszins drinkbaar water te verkrijgen is, besluit de vermoeide keizer de stad direct weer te verlaten om er nooit meer terug te keren.

Raadspensionaris Van der Goes beschrijft het als volgt: 'Omdat 't Amsterdam die vier elementen (lucht, water, aarde, vuur) gecorrumpeerd sijn, ende om te behoeden die gesontheyt van Sijne Majesteit ende dengenen die hem volgen, ende water drincken willen, 't welck 't Amsterdam yet en doecht (deugt), ende veel sieck, ja de doodt drincken souden mogen.' Kortom: Amsterdam is vies en ongezond, zorg dat je er zo snel mogelijk weg komt.

De exacte temperaturen van de zomer van 1540 weten we niet, maar uit de beschreven drooggevallen rivieren, vele bosbranden en langdurige hitte en droogte kunnen we ervan uitgaan dat die zeker niet lager waren dan tijdens onze huidige zomer. De hitte houdt dermate lang aan dat het jaar 1540 vanaf dat moment de boeken in gaat als het Grote Zonnejaar. Generaties zullen het hebben over die allerheetste zomer ooit. Voor moderne klimatologen is de zomer van 1540 ook nu nog een fascinerend ijkpunt.

Bron: Amsterdam, actueel nieuws, 8-8-2018 (klik hier indien link verbroken is).


Hittegolven en droogte in Europa door de eeuwen heen: 627 - 1821

hittegolven en droogte in Europa door de eeuwen heen

klik op de tekst voor een leesbare vergroting
 

Als je de media mag geloven is bijna elke hittegolf-periode of ernstige droogte-periode een teken van "klimaatverandering", passend binnen de hypothese / theorie van de CAGW: Catastrophal Antropogenic Global Warming, oftewel catastrofale door mensen veroorzaakte opwarming van de aarde.

In zijn video lezing: "New York Times rewriting their own history" noemt Tony Heller o.a. een hele reeks hittegolven en droogteperiodes in Europa tussen 627 en 1821. Dus van voor de industriële revolutie (die velen rond 1850 laten beginnen, hoewel ook eerdere jaartallen worden gebruikt) en voordat het CO2-niveau in de atmosfeer was begonnen te stijgen.

Hittegolven en ernsige droogte-periodes zijn van alle tijden en zijn dus - op zich zelf genomen - geen indicatie voor klimaatverandering, zoals vele media en politici ons tegenwoordig willen doen geloven.


Duitsland


Engeland

tweet d.d. 25-4-2019:

droge zomer van 1800



Frankrijk

 


Spanje



WERELDWIJD

Australië


India: meer doden door de kou dan door de hitte.
In de media wordt vaak op alarmistische wijze verslag gedaan van hoge sterftecijfers door het zomers, hittegolven of extreem heet weer.
Weersgerelateerd sterfte-onderzoek uit India wijst uit dat gematigd koude periodes (wij zouden het heus geen koude winters noemen) enorm veel meer sterfte tot gevolg heeft dan extreme winters (hun definitie, niet de onze) en extreme warmte (> 34 graden C) of matige warmte. Het onderzoek is hier gepubliceerd:

Koude-sterfte in India

tweet van Lomborg op 4-6-2019
klik op de figuur voor een vergroting:

 

Fu SH, Gasparrini A, Rodriguez PS, Jha P (2018), Mortality attributable to hot and cold ambient temperatures in India: a nationally representative case-crossover study.
PLoS Med 15(7): e1002619. https://doi.org/10.1371/journal.pmed.1002619

extreme cold: 0,4 - 13,8 graden C
moderately cold: > 13,8 graden tot.....
extremely hot: > 34,2 graden C
moderately hot: .....- 34,2 graden C

 

Het lijkt er heel sterk op dat ze in India veel meer behoefte hebben aan verwarming dan aan airco.


Rusland beleeft in 2010 de heetste zomer sinds 150 jaar. Het land wordt geteisterd door vele branden, die medio augustus al een kwart van de oogsten hebben verwoest. Het land besluit geen graan te exporteren, waardoor de wereldmarktprijzen stijgen. Door de luchtverontreiniging heeft Moskou veel last van smog en sterven veel mensen met hart- en longklachten.


USA

Prof. H. Schellekens scrijft in het FD van 29-9-2007 dat de Nasa heeft moeten toegeven dat hun model om de stijging te voorspellen van de gemiddelde temperatuur door de productie van broeikasgassen in de VS een pijnlijke rekenfout bevatte. Na correctie bleken de warmste jaren in de VS niet na 1990, maar tussen 1930 en 1940 te zijn voorgevallen, ruim voor de grote uitstoot van broeikasgassen door de amerikaanse industrie. 
En volgens deze web pagina wordt het op sommige plaatsen in Amerika eerder kouder dan warmer, de afgelopen 100 jaar; Zie http://mitosyfraudes.8k.com/chart/USA/henderson-nc.html (link is gebroken).

Onderstaande grafiek van warme dagen in de USA van 1895-2017 laat dat heel duidelijk zien.
Het betreft het gemiddelde aantal dagen met temperaturen boven de 90 graden Fahrenheit (> 32,2 graden Celsius) in de 48 aaneengesloten staten van de USA, dus zonder Alaska en Hawai, gepresenteerd door John Christy.

hete dagen USA- 1895-2017
klik op de grafiek voor een vergroting

Het blijkt ook uit onderstaande grafiek van hiitegolven in de USA

This figure shows the annual values of the U.S. Heat Wave Index from 1895 to 2015. These data cover the contiguous 48 states. Interpretation: An index value of 0.2 (for example) could mean that 20 percent of the country experienced one heat wave, 10 percent of the country experienced two heat waves, or some other combination of frequency and area resulted in this value.

Klik op de grafiek voor een vergroting

hittegolven in de USA sinds 1895
Bron: EPA-Environmental Protecton Agency, USA
Data source: Kunkel, 20166
Web update: August 2016

De zomers met de meeste hittegolven waren nadrukkelijk in de jaren 1930 e.v.

De EPA schrijft er het volgende over:
"Heat waves in the 1930s remain the most severe heat waves in the U.S. historical record (see Figure 1). The spike in Figure 1 reflects extreme, persistent heat waves in the Great Plains region during a period known as the “Dust Bowl.” Poor land use practices and many years of intense drought contributed to these heat waves by depleting soil moisture and reducing the moderating effects of evaporation."

Jay Lehr en Tom Harris (2019) schrijven er in hun essay Mathematical modelling illusions het volgende over:

"No climate models relied on by the IPCC (or any other model, for that matter) has applied the initial conditions of 1900 and forecast the Dust Bowl of the 1930s – never mind an accurate prediction of the climate in 2000 or 2015. Given the complete lack of testable results, we must conclude that these models have more in common with the “Magic 8 Ball” game than with any scientifically based process."

In een videopresentatie "Quamtifying heatwave fraud"met hittegolf-gegevens in de USA vanaf 1895 maakt Tony Heller gehakt van de vele alarmistische media- boordschappen n.a..v. Amerikaanse hittegolven in 2019, afgegeven door o.a. National Geographic en door de Society of Concerned Scientists. Zijn conclusie: ze zijn beslist niet bezig met wetenschap maar frauduleus bezig met met een geheel eigen agenda. De juli-maximum-temperaturen in het midden-westen van Amerika dalen met de tijd terwijl de CO2-concentratie stijgt met de tijd. Klik op onderstaande grafieken voor een vergroting

Heller: juli maximum temperaturen sinds 1895 in mid-west-USA

Hittegolven in mid-west Amerika in juli vanaf 1895

De jaren-30 peak in bovenstaande grafieken zie je echter niet terug in onderstaande grafiek over sterfte door hittegolven in de New York City, maar dat ligt ver van de Great Plains. Wellicht dat toenemende beschikbaarheid van airconditioning ook een rol speelt ?

New York City hittegolven in de tijd
klik op grafiek voor een vergroting

 

1896-hittegplf-doden in New York

bron: Tony Heller, video lezing: "New York Times rewriting their own history", 6 juni 2918

In de grafiek boven is wel de 10-daagse hittegolf van 1896 te zien die in New York (volgens deze grafiek) ruim 800 hitte-doden veroorzaakte, mede veroorzaakt door een gebrek aan ventilatie (laat staan airco) in veel te volle huizen (bron Tony Heller video). Het artikel rechts boven heeft het over 1500 doden, waarvan vele in New York.

In zijn video lezing van 6 juni 2019: "New York Times rewriting their own history" noemt en beschrijft Tony Heller o.a. een hele reeks hittegolven en droogteperiodes in de USA, Australië en Europa: 1896, 1901 en 1925



Zoals in Nederland tussen 1950 en 1975 (geen hittegolven !), waren er in de USA weinig hittegolven tussen ca. 1957 en 1975

Wie weet de verklaringen voor de dalen ? Mail het me dan svp.


Verdere literatuur:

Buisman, J. (2011), Extreem Weer !, een canon van Weergaloze Winters & Zinderende Zomers, Hagel en Hozen, Stormen en Watersnoden, Uitg. Van Wijnen - Franeker, 576 p. met vele illustraties en tabellen in kleur, ISBN: 978 905 194 35 80.


U bent hier: inhoudsopgave - hete zomers
Google
 
Web www.hugovandermolen.nl

Deze website is een activiteit van Van der Molen Financial Services, Copyright 2007 e.v.

Mail ons uw commentaar, aanvullingenen en correcties !